Een private stichting is een juridische structuur waarin een vermogen kan worden ondergebracht ter verwezenlijking van een bepaald belangeloos doel. Het juridisch kader van deze rechtsvorm vinden we terug in de wet van 2 mei 2002 betreffende de verenigingen zonder winstoogmerk, de internationale verenigingen zonder winstoogmerk en de stichtingen (hierna “V&S-wet”).

Doel

Een private stichting kent geen leden, noch vennoten. De stichting mag geen stoffelijk voordeel verschaffen aan de stichters, de bestuurders of een derde persoon. Uitkeringen aan derde personen kunnen nochtans wel geschieden indien dit kadert binnen de verwezenlijking van het belangeloos doel.

De term “belangeloos doel” mag niet verward worden met het maatschappelijk doel van de¬†stichting. Met de term “doel” heeft de wetgever vooral het oogmerk van de stichter(s) bedoeld, eerder dan het soort activiteiten dat de stichting kan voeren. Een opsomming van de activiteiten en bedrijvigheden die een private stichting mag voeren, kunnen we terugvinden in de statuten in het artikel dat het maatschappelijk doel van de stichting definieert.

De voorbereidende werken van de V&S-wet bevestigen dat het in stand houden van een familiaal vermogen als een belangeloos doel kan worden aanvaard. Dit biedt meteen mogelijkheden om de private stichting aan te wenden als een instrument van vermogensplanning.

Oprichting van een private stichting

Een private stichting wordt opgericht door een rechtshandeling van één of meerdere natuurlijke personen en/of rechtspersonen (de stichters). In tegenstelling tot oprichting van een Nederlandse stichting-administratiekantoor, kan een Belgische private stichting alleen maar opgericht worden bij authentieke akte. Een onderhandse oprichting zou de nietigheid van de private stichting met zich meebrengen. De stichting verkrijgt rechtspersoonlijkheid door neerlegging van haar oprichtingsakte op de griffie van de rechtbank van koophandel. De stichting wordt bestuurd door een raad van bestuur die minimaal uit drie personen moet bestaan.

Vermogensbestanddelen, zowel roerende als onroerende, kunnen ten bezwarende titel of om niet worden ingebracht. Daarnaast kan de inbreng ook via een schenking of een testament gebeuren. Het onderscheid tussen een inbreng om niet en een schenking is gelegen in het feit dat er bij een inbreng om niet noch sprake is van een animus donandi (de wil om te schenken), noch van een aanvaarding door de begiftigde. Een inbreng om niet moet eerder beschouwd worden als een bestemming of affectatie van goederen.

Een inbreng ten bezwarende titel is, op een paar uitzonderingen na, in Vlaanderen onderworpen aan het verkooprecht a rato van 10 %. Op een schenking aan een private stichting is in de meeste gevallen 5,5 % schenkbelasting verschuldigd. Legaten aan private stichtingen worden belast met erfbelasting aan een tarief van 8,5 % in Vlaanderen, ongeacht of zij roerende of onroerende goederen tot voorwerp hebben. Aangezien een private stichting verplicht bij authentieke akte moet opgericht worden, behoort een oprichting via een notarieel testament ook tot de mogelijkheden.

Certificering

Certificering is de rechtshandeling waarbij een private stichting certificaten toekent in ruil voor de inbreng van vermogensbestanddelen in het vermogen van de stichting. Certificering heeft veelal betrekking op aandelen van een vennootschap. De aandeelhouder draagt zijn aandelen over aan de stichting en ontvangt in ruil certificaten uitgegeven door de stichting.

Op die manier worden de economische rechten verbonden aan de aandelen (recht op dividenden) afgesplitst van de juridische zeggenschap (stemrechten). Het is met andere woorden de private stichting die op de algemene vergadering van de vennootschap zal stemmen over de agendapunten. Certificering gaat veelal hand in hand met het fiscaal transparant karakter van de stichting die aandelen heeft gecertificeerd. Worden er immers dividenden uitgekeerd vanuit de vennootschap, dan heeft de stichting een doorstortingsplicht ten aanzien van de certificaathouders.

Certificering van aandelen via een private stichting is in het kader van een familiale vermogensplanning een zeer nuttig planningsinstrument. Niet alleen wordt een deel van het vermogen (de aandelen) ondergebracht in een apart¬†vermogen¬†waardoor het niet meer tot de nalatenschap van de erflater behoort, bovendien is het een geschikte techniek om in het kader van de familiale opvolging van een onderneming de continu√Įteit van een onderneming te verenigen met erfrechtelijke regels¬†als gelijke behandeling van de kinderen en¬†de regels inzake het beschikbaar deel en de reserve.