Het Belgische Burgerlijk Wetboek is op heel wat punten toe aan modernisering. Daarom staat een nieuw Burgerlijk wetboek in de steigers dat zal bestaan uit negen boeken. Boek acht inzake het bewijs is inmiddels klaar. Vanaf 1 november 2020 wijzigen de bewijsregels in het burgerlijk recht.

De aanpassingen zijn ingegeven vanuit de noodzaak om te moderniseren, te verduidelijken en beter te definiëren. Uiteraard heeft de technologische evolutie ook een impact op de bewijsvoering. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de regels van het vrije bewijs zijn uitgebreid.

Basis van bewijs

Behalve in de gevallen waarin de wet anders bepaalt, moet men alleen aangevoerde of betwiste feiten of rechtshandelingen bewijzen. Het recht, algemeen bekende feiten of ervaringsregels hoeven geen bewijsvoering.

Tenzij er afwijkende wettelijke regels  zijn, wordt het bewijs geleverd met een redelijke mate van zekerheid. Bij een negatief feit kan het aantonen van de waarschijnlijkheid van dat feit volstaan. Hetzelfde geldt voor positieve feiten waarvan het vanwege de aard zelf van het te bewijzen feit niet mogelijk of niet redelijk is om een zeker bewijs te verlangen.

Voortaan kan de rechter, bij een met bijzondere redenen omkleed vonnis, in het licht van uitzonderlijke omstandigheden, bepalen wie de bewijslast draagt wanneer de normale bewijsregels kennelijk onredelijk zouden zijn. Dit kan enkel wanneer de rechter alle nuttige onderzoeksmaatregelen heeft bevolen, erover heeft gewaakt en vaststelt dat er vervolgens nog steeds geen voldoende bewijs is geleverd.

Vrij bewijsstelsel

In het vrije bewijsstelsel kan men het bewijs leveren op gelijk welke manier. Het oude plafond van 375 euro is verhoogd naar 3.500 euro. Dit impliceert dat heel wat handelingen voortaan zullen kunnen worden bewezen op eender welke wijze. Voor heel wat dagdagelijkse verrichtingen is een ondertekend geschrift dus niet meer noodzakelijk. Onder de grens van 3.500 euro kunnen bijvoorbeeld berichten via WhatsApp of Messenger, getuigen en vermoeden volstaan.

Eenzijdige rechtshandelingen

Inzake eenzijdige rechtshandelingen is het bewijs altijd vrij, ongeacht hun waarde. Eenzijdige rechtshandelingen zijn handelingen die uitsluitend plaatsvinden als gevolg van de wil van degene die ze uitvoert. Behoudens de instemming van de uitvoerder is van niemand anders goedkeuring vereist. Voorbeelden zijn een verkoopaanbod of een schuldbekentenis.

Opgelet voor een eenzijdige verbintenis tot betalen of levering van vervangbare zaken is wel een schriftelijke verbintenis vereist. De verbintenis levert bovendien pas een bewijs op indien zij de handtekening bevat van de persoon die zich verbindt. De som of de hoeveelheid moet voluit in letters worden geschreven door diegene die zich verbindt. Iedere overeenkomst die afwijkt van deze regel is nietig.

Voor het bewijs van de datum geldt een specifieke regeling. Een onderhandse akte verkrijgt, ten aanzien van derden, geen vaste dagtekening dan:
1° van de dag waarop zij is geregistreerd, ofwel
2° van de dag waarop de hoofdinhoud ervan is vastgesteld in een authentieke akte, ofwel
3° van de dag waarop minstens één van de partijen de akte of de datum ervan niet langer kan wijzigen, onder meer ten gevolge van het overlijden van een partij.

Ondernemingsbewijs

Tussen of tegen ondernemingen is het bewijs vrij, ook voor sommen die de som van 3.500 euro overschrijden. De vrije bewijsvoering geldt niet wanneer een onderneming iets wil bewijzen tegen iemand die geen onderneming voert. Voor natuurlijke personen die tevens ondernemer zijn geldt de vrijheid van bewijs niet voor rechtshandelingen die vreemd zijn aan hun onderneming.

Een door een onderneming aanvaarde of niet binnen een redelijke termijn betwiste factuur tegen deze onderneming levert bewijs op van de aangevoerde rechtshandeling. Het aanbrengen van een tegenbewijs is wel mogelijk.

De uitdrukkelijke of stilzwijgende aanvaarding van een factuur door een persoon die geen onderneming is, maakt slechts een feitelijk vermoeden uit. Het gebrek aan betwisting van een factuur door een dergelijke persoon geldt niet als een aanvaarding van die factuur. behalve wanneer deze afwezigheid van betwisting een omstandig stilzwijgen uitmaakt.

Andere uitzonderingen op ondertekend geschrift

Een ondertekend geschrift kan steeds worden vervangen door een bekentenis, een beslissende eed of een begin van bewijs door geschrift voor zover dit laatste wordt aangevuld met een ander bewijsmiddel.  Derden kunnen het bewijs van een rechtshandeling met alle bewijsmiddelen leveren. Ten aanzien van derden kan een partij het bewijs leveren van een rechtshandeling met alle bewijsmiddelen.

Bron: Wet van 13 april 2019 tot invoering van een Burgerlijk Wetboek en tot invoeging van boek 8 ‘Bewijs’, BS 14 mei 2019