aternio

Fiets en fiscaliteit: elektrisch of toch met spierkracht?

Overzicht

Wat een fiets is? Dat weten we toch allemaal.De geschiedenis van de fiets bestrijkt immers ongeveer 250 jaar. Ondanks de vele gedaanteveranderingen heeft de fiets steeds twee gemeenschappelijke kenmerken gehad: een rijtuig dat wordt aangedreven door spierkracht. Toen kwam de elektrische fiets.

Zoals met vele zaken in België zorgt de fiscaliteit voor verwarring. Is een fiets nog een fiets?

Fiets en fiscale gunstmaatregelen

Om het gebruik van de fiets aan te moedigen heeft de wetgever tal van fiscale gunstmaatregelen in het leven geroepen. Denk o.a. aan:

  • van belastingen en sociale zekerheidsbijdragen vrijgestelde kilometervergoedingen voor woonwerkverplaatsingen, zelfs al zijn deze verplaatsingen met een bedrijfsfiets;
  • geen voordelen alle aard voor het gebruik van een bedrijfsfiets indien de fiets ook wordt gebruikt voor woonwerkverkeer (incl. onderhoud- en stallingskosten);
  • forfaitaire aftrek van beroepskosten voor woonwerkverplaatsingen;
  • de vennootschap/werkgever mag de kosten voor de bedrijfsfiets (afschrijvingen, onderhoud- en stollingskosten) waarmee woonwerkverplaatsingen worden gedaan ten belope van 120% aftrekken.

Het fijne is dat deze fiscale voordeelmaatregelen ook gelden voor een elektrische fiets, ook wel pedelec of e-bike genoemd.

Wat is een elektrische fiets?

Beter is, wat is zeker geen elektrische fiets? Wel, een licht gemotoriseerde tweewieler met trapondersteuning die een snelheid van 45 km/u kan halen. Dergelijke zogenaamde speed pedelecs worden beschouwd als een bromfiets klasse B en komen dus niet in aanmerking voor de genoemde fiscale gunstmaatregelen.

Sterker nog, hoewel een speed pedelec klaarblijkelijk geen fiets is maar een motorvoertuig, komt hij toch niet in aanmerking voor de belastingvermindering die geldt bij het aankopen van een ‘milieuvriendelijke’ motorfiets, drie- of vierwieler te . Wie begrijpt het nog?

Voor de minister van financiën is er slechts sprake van een elektrische fiets indien de trapondersteuning beperkt is tot 25 km/u. (Vr. en Antw. Kamer 2015-2016, nr. 54-072, Vr. nr. 807 Van den Bergh, 3 februari 2016, p. 178)

Mountainbikes en racefietsen zijn toch fietsen?

In de klassieke zin alleszins, maar fiscaal moet het toch genuanceerd worden. Dergelijke fietsen komen bijvoorbeeld niet in aanmerking voor de vrijstelling van voordelen alle aard wanneer een racefiets of mountainbike terbeschikkingstelling wordt gesteld door de werkgever.

De minister van financiën is namelijk van oordeel dat hiervoor enkel stadsfietsen en hybride fietsen, een kruising tussen een stads- en sportfiets, in aanmerking komen. (Vr. en Antw. Kamer 2016-2017, nr. 54-096, Vr. nr. 1247 Gilkinet, 18 oktober 2016, p. 255)

Kritiek?

Jazeker. Het begrip ‘fiets’ wordt fiscaal op verschillende en onsamenhangende manieren ingevuld. Als men ook voor langere woonwerkverplaatsingen volwaardige alternatieven voor de auto wil aanmoedigen, zal de wetgever toch kleur moeten bekennen. Aanpassingen dringen zich op.

Trouwens, wat denkt de fiscale wetgever over elektrische steps en monowheels? Om het nog niet te hebben over  de hoverboards. Het zijn allemaal verplaatsingsmiddelen die in de ons omliggende landen heel vaak in het straatbeeld verschijnen en een perfecte aanvulling vormen op het openbaar vervoer.

 

 

 

Terug naar overzicht
Geschreven door Choi Tin Shek
mail
tel
+32 (0)3 454 30 00