aternio

Kapitaalverminderingen zullen geld kosten!

Overzicht

In het Zomerakkoord 2017 heeft de federale regering enkele ingrijpende fiscale veranderingen uiteengezet. Na lang wachten kondigde zij eindelijk een verlaging van de vennootschapsbelasting aan.

Echter heeft deze positieve beslissing een keerzijde. Om de veranderingen budgetneutraal te kunnen verwezenlijken, besliste zij onder andere om de fiscale regels rond kapitaalverminderingen te hervormen.

Huidige regeling

In de huidige regelgeving kan een kapitaalvermindering belastingvrij worden doorgevoerd, ook als er belaste reserves in het kapitaal zijn geïncorporeerd. Momenteel is het immers mogelijk om de kapitaalvermindering onder voorwaarden enkel aan het werkelijk gestort kapitaal toe te rekenen.

Indien men aan alle voorwaarden voldoet, wordt deze uitkering niet als dividend beschouwd.  De uitkerende vennootschap zal belastingen noch roerende voorheffing verschuldigd zijn. De vennootschap kan aldus belastingvrij een kapitaalvermindering doorvoeren.

Kapitaalvermindering wordt fiscaal deels dividendenuitkering

Zoals blijkt uit de voorlopige beschikbare teksten van het zomerakkoord  zal vanaf 1 januari 2018 een kapitaalvermindering wel geld kosten. De regering besliste dat een kapitaalvermindering hand in hand zal gaan met het fiscaal uitkeren van dividenden.

Indien men een kapitaalvermindering doorvoert, zal men deze fiscaal pro rata moeten toerekenen op de belaste reserves. Het zou hierbij niet uitmaken of deze belaste reserves al dan niet geïncorporeerd zijn in het kapitaal. Hierdoor verplicht de regering de vennootschap, die belaste reserves bezit, om ‘fiscale’ dividenden uit te keren. De vennootschap kan niet langer bepalen hoeveel er als dividend dan wel als vermindering van werkelijk gestort kapitaal zal worden uitgekeerd. Dit wordt in verhouding berekend.

Roerende voorheffing

Bij het uitkeren van dividenden is roerende voorheffing verschuldigd. Een belangrijk gevolg van de hervormde kapitaalvermindering is dan ook het betalen van roerende voorheffing. De vennootschap zal op het gedeelte van de kapitaalvermindering dat aangerekend wordt op de belaste reserves (uitkering van een dividend) roerende voorheffing moeten betalen. Momenteel bedraagt de roerende voorheffing 30%.

Welke belaste reserves?

Er rijzen ook heel wat vragen omtrent wat als belaste reserves zal worden beschouwd. Op dit vlak heeft de regering reeds twee zaken verduidelijkt. Zo zullen de vrijgestelde reserves niet in aanmerking komen. Ook de reserves die geïncorporeerd werden in het kapitaal  op grond van artikel 537 WIB 92 worden niet geviseerd (het zogenaamde vastklikkapitaal).

Ondanks deze verduidelijkingen zijn er nog tal van andere onduidelijkheden.  Zo dringt de vraag zich nu reeds op wat er zal gebeuren met de liquidatiereserve, die reeds aan 10% wordt belast.

Conclusie

Deze hervorming werd kort toegelicht in het zomerakkoord 2017. Aangezien de definitieve wetteksten nog niet beschikbaar is, is het nog even afwachten hoe dit concreet zal worden uitwerkt. Echter zou deze maatregel wel vanaf 1 januari 2018 van toepassing zijn. Het is wel duidelijk dat dit een niet te verwaarlozen impact zal hebben.

Indien u financieel en economische redenen hebt om een kapitaalvermindering door te voeren, kan het aangewezen zijn om dit te doen voor 1 januari 2018. Een kapitaalvermindering in afwezigheid van de juiste motieven is evenwel niet zonder fiscaal risico.

Terug naar overzicht
Geschreven door Nesrine Jelti
mail
tel
+32 (0)52 47 82 41
Meer bijdragen over